1.3. Leefstijlvragenlijst
Met deze vragenlijst onderzoekt de cliënt zijn of haar leefstijl op thema's als eten, drinken, bewegen, slapen en ontspanning. Het doel is om inzicht te krijgen in wat al goed gaat en wat de cliënt wil verbeteren.
3G Schema
Met dit schema krijgen kinderen en jongeren meer inzicht in het verband tussen gedachten en gevoelens bij een bepaalde gebeurtenis. De oefening gaat ervan uit dat vervelende gevoelens ontstaan door disfunctionele gedachten. Het schema is onderdeel van een reeks cognitieve gedragstherapie-oefeningen.
3G Schema
Met deze oefening krijgt de cliënt meer inzicht in het verband tussen gedachten en gevoelens na een bepaalde gebeurtenis. De oefening gaat ervan uit dat vervelende gevoelens ontstaan door disfunctionele gedachten. Voor inzicht in gedrag is het 5G Schema een aanvulling.
4DKL
Deze vragenlijst meet psychosociale klachten op vier gebieden: distress, depressie, angst en somatisatie. De lijst bestaat uit 50 vragen en is ontwikkeld voor gebruik in de huisartsenpraktijk. De scores geven inzicht in de aan- of afwezigheid van klachten bij patiënten met psychische symptomen.
4DKL+
Dit testprotocol screent patiënten met een GGZ-hulpvraag. Het brengt distress, depressie, angst, somatisatie en problematisch alcoholgebruik in kaart. Ook psychosociale en omgevingsfactoren komen aan bod. De resultaten helpen bij het bepalen van een passend behandeladvies.
4DSQ
Deze vragenlijst meet psychosociale klachten op vier gebieden: distress, depressie, angst en somatisatie. De lijst bestaat uit 50 vragen en is ontwikkeld voor gebruik in de huisartsenpraktijk. Hij helpt onderscheid te maken tussen verschillende soorten psychische klachten bij patiënten.
5G Schema
Het 5G Schema helpt cliënten inzicht te krijgen in het verband tussen gedachten, gevoelens en gedrag na een bepaalde gebeurtenis. Het schema gaat ervan uit dat vervelende gevoelens ontstaan door disfunctionele gedachten, die vervolgens het gedrag en de gevolgen daarvan beïnvloeden.
5G Schema
Met dit schema krijgen cliënten meer inzicht in het verband tussen gedachten, gevoelens en gedrag bij een bepaalde gebeurtenis. Het gaat uit van het idee dat vervelende gevoelens ontstaan door negatieve gedachten. Door het schema regelmatig in te vullen, begrijpt een cliënt zijn eigen gedachten beter.
6MWT
De 6 Minuten Wandeltest meet het gangpatroon, de loopsnelheid en het uithoudingsvermogen. De test registreert de maximale afstand die een patiënt in zes minuten aflegt. Hij is geschikt voor mensen met respiratoire, neurologische of cardiovasculaire aandoeningen, een prothese of fibromyalgie.
Aandacht in Actie
Deze oefening richt zich op het ontwikkelen van meer aandacht in het dagelijkse leven. De cliënt staat stil bij zijn of haar ervaringen en denkt na over hoe hij of zij bewuster in het leven kan staan.
Aandacht voor de ademhaling ♀
Deze mindfulness oefening gebruikt de ademhaling als anker. Het doel is om jezelf te hernemen en te kalmeren, terwijl je open blijft staan voor wat je ervaart.
Aandacht voor de ademhaling ♂
Deze mindfulnessoefening gebruikt de ademhaling als anker. Het doel is om jezelf te hernemen en te kalmeren. Tegelijk blijf je openstaan voor wat je ervaart.
AASP
Deze vragenlijst meet hoe adolescenten en volwassenen sensorische prikkels verwerken. Zij beantwoorden 60 vragen over hun dagelijkse reacties op zintuiglijke ervaringen. De resultaten geven inzicht in vier kwadranten van prikkelverwerking en bieden handvatten voor interventie.
ABCL
De Adult Behaviour Checklist is een vragenlijst die wordt ingevuld door iemand die een volwassene goed kent. Het doel is het vaststellen van vaardigheden, emotionele problemen en gedragsproblemen. De scores geven aanwijzingen over mogelijke DSM-pathologie.
Acceptatie van gevoelens en gedachten - De Herberg
Met behulp van een geluidsfragment gebaseerd op het gedicht 'De Herberg' van Rumi leren cliënten gedachten, gevoelens en ervaringen toe te laten en te accepteren. Ze ontdekken dat deze van voorbijgaande aard zijn.
ACQ
Deze vragenlijst meet hoe vaak iemand bepaalde gedachten of zorgen heeft tijdens paniekaanvallen. De lijst heeft 14 vragen en sluit aan bij het cognitieve model voor paniekstoornis. Er zijn twee subschalen: fysieke gevolgen en sociale gevolgen.
ACT-module - 1. Introductie
Deze module is de introductie van een programma dat is gebaseerd op Acceptance and Commitment Therapy (ACT). Het legt uit wat ACT inhoudt en welke onderdelen aan bod komen. Cliënten bepalen waar zij aan willen werken tijdens het programma.
ACT-module - 2. Creatieve Hopeloosheid (Worstelen)
In deze module onderzoeken cliënten welke strategieën zij gebruiken om met moeilijkheden om te gaan. Via een video, een metafoor en oefeningen ontdekken ze of deze strategieën effectief zijn. Het doel is bewustwording van eigen copingstrategieën binnen de context van Acceptance and Commitment Therapy.
ACT-module - 3. Acceptatie (Ruimte maken)
Deze module richt zich op acceptatie binnen ACT. Cliënten leren wat acceptatie betekent en hoe ze ruimte kunnen maken voor pijn en moeilijke emoties. Via oefeningen en een geluidsfragment onderzoeken ze hun eigen pijn en leren ze deze te accepteren in plaats van te vermijden.
ACT-module - 4. Defusie (Afstand nemen)
In deze module leren cliënten afstand te nemen van hun gedachten, een proces dat binnen ACT 'defusie' heet. Via een video, een metafoor en oefeningen ontdekken cliënten hoe ze zich kunnen losmaken van negatieve gedachten en deze vaardigheid verder kunnen ontwikkelen.
ACT-module - 5. Zelf als Context (Identiteit)
Deze module richt zich op het flexibeler omgaan met het zelfbeeld. Via een video, een metafoor en oefeningen onderzoeken cliënten welke rollen zij zichzelf toebedelen. Ook brengen zij hun eigen levenslijn in kaart en oefenen zij zelfcompassie.